Posts tonen met het label participatiemaatschappij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label participatiemaatschappij. Alle posts tonen

maandag 22 juni 2015

Een handicap is niet zwart/wit!

Ik heb er al vaak iets over gezegd, zo niet nog vaker over geschreven op Twitter of in mijn blogs. Het onderscheid tussen Wajongeren en tussen andere jonggehandicapten die buiten de Wajong en nu Participatiewet vallen. Het verschil is groot, waar de een het recht op ondersteuning en voorzieningen heeft, heeft de ander dat niet. Waar de een het recht op een participatiebaan heeft, heeft de ander dat niet. Eigenlijk is het gewoonweg discriminatie en druist het compleet in tegen het VN Verdrag voor de rechten van mensen met een handicap.

En toch, de overheid stimuleert deze discriminatie, eigenlijk draagt het zelfs deze discriminatie uit in haar beleid. De invoering van de nieuwe sociale zekerheid voor jonggehandicapten moest hier een eind aan maken, maar nee het werd zelfs nog erger toen de WWNV de Participatiewet werd. Want waar in de WWNV de rechten van jonggehandicapten zonder status waren opgenomen in de wet, laat de Participatiewet dit aan de gemeenten met te weinig budget, en daarom zijn er veel gemeenten die hier dus geen afspraken over hebben gemaakt.

College van de mensenrechten

Steeds vaker begin ik me af te vragen of dit beleid niet getoetst moet worden, en dan niet zoals de overheid zegt het effect te zullen meten van een groep die ze niet in de statistieken hebben zitten. Maar het voorleggen aan het College voor de Rechten van de Mens en hen onafhankelijk te laten onderzoeken of dit beleid wel strookt met de gelijke rechten?

Want waar Wajongers nogal eens geneigd zijn om te zeggen, ‘wees blij dat je geen Wajong en bijbehorende ondersteuning nodig hebt’ is dat nogal zwart wit gedacht. Want is het eerlijk dat de ene dove wel in de Wajong zit en de ander niet? Is het eerlijk dat de ene slechtziende wel in de Wajong zit en de ander niet? Is het eerlijk dat de ene autist wel in de Wajong zit en de ander niet? Het bepaald in het huidige landschap namelijk wel of je een passende baan kan vinden en de benodigde voorzieningen kan krijgen.

Vraag het aan Klijnsma

Dat was het advies wat ik vandaag weer eens kreeg, nou eerlijk gezegd krijg ik steeds vaker het idee dat het Klijnsma geen bal kan schelen. Want als je haar vraagt waarom je als arbeidsgehandicapte zonder status geen gelijke rechten op werk krijgt. Dan zegt ze simpelweg ‘het is mij toch ook gelukt’ alsof daarmee de kous af zou zijn. Nee, het is niet zo simpel als dat het lijkt.

Enerzijds ben ik dolblij dat ik geen Wajong heb, want blijkbaar wordt je daar gemakzuchtig van. Je accepteert je lot als afgeschreven en gaat door met je leven. Komt de overheid met een nieuw plan dan klim je in de hoogste boom en zet de vakbond op stelten. En ja, dan moet je herkeuren maar uiteindelijk hou je wel die kans op die baan en dus is solliciteren al een stuk makkelijker.

Zo zwart/wit is het niet

Kijk verder dan je eigen puzzelstukje,
heb oog voor de ander!
Hoeveel mensen zouden dit (voorgaande) stigmatiserend vinden? Ik denk dat veel Wajongers op hun achterste benen zouden gaan staan. Maar waarom oordelen Wajongers dan wel zo hard over NUGgers met een handicap die net zo graag aan de slag willen maar niet de gelijke rechten hebben? In het eerste ben ik heel eerlijk, want ik ben blij dat ik geen labeltje (Wajong) heb, maar waar ik wel van baal is dat ik geen gelijke rechten op voorzieningen schijn te hebben terwijl ik bij ‘gebrek’ aan uitkering toch wel degelijk de noodzaak tot het zoeken, hebben, houden van een baan heb, omdat er simpelweg ergens geld vandaan moet komen.

Eigenlijk zou dit al moeten laten zien dat ik het heel vervelend vind voor iedereen die zijn Wajonguitkering dreigt te verliezen omdat hij/zij een werkende partner of ouder heeft met een inkomen. Maar anderzijds mogen jullie ook best eens begrijpen dat je daarmee op gelijke voet komt te staan met al die andere mensen met een beperking die ook gewoon hun eigen boontjes moeten doppen. Het voordeel dat je hebt, je hebt voorrang op werk en houdt recht op voorzieningen, dus wees blij met wat je hebt en kijk a.j.b. ook eens naar wat een ander niet heeft!
 

De 6e alinea van deze blog bevat een sarcastische weergave van allerlei vooroordelen over Wajongeren. Welke dus NIET mijn persoonljke mening zijn.

woensdag 27 mei 2015

Basisinkomen is zo gek nog niet!


Eigenlijk vond ik het altijd maar een discussie voor links, de discussie over het basisinkomen en daarmee het uitdelen van 'gratis geld.' Toch is de discussie eigenlijk helemaal niet zo links, maar zou draagbaar moeten zijn van het compleet linkse tot het compleet rechtse politieke spectrum. Vooral als je het basisinkomen vanuit verschillende perspectieven, behorende bij die politieke visies, bekijkt. Daarom vandaag eens een blik in het basisinkomen vanuit diverse politieke standpunten.

Liberaal

Vanuit het liberale denken heeft de burger een eigen verantwoordelijkheid, moet de overheid zich zo min mogelijk bemoeien achter de voordeur van zowel ondernemer als burger. Het idee is, dat als er de ruimte is om je te ontwikkelen, iedereen een gelijke kans heeft om mee te doen. Maar misschien wel het meest interessante om vanuit liberale hoek te pleiten voor een basisinkomen is dit: liberalen wensen een kleine, slagvaardige overheid met zo min mogelijk regels en regelingen. En juist daar komt het basisinkomen om de hoek kijken, en is er tevens een relatie tot de eigen verantwoordelijkheid.

Want het basisinkomen is gegarandeerd, een regeling zonder allerlei aanvullende regelingen voor verschillende doelgroepen, inkomensgroepen en zo meer. Kortom, je haalt veel schijven weg. Bovendien biedt het basisinkomen de mogelijkheid om juist die eigen verantwoordelijkheid op te pakken, dat kan zijn om zorg te verlenen aan een familielid, tot aan het (bij)scholen om aan een baan te komen. Waarmee de burger dus eigenlijk een brede individuele vrijheid krijgt, precies waar het liberalisme zo sterk aan hecht.

Socialisten

De socialisten hechten grote waarden aan een verzorgingsstaat, waar de burger een vangnet heeft en inkomens zo eerlijk mogelijk worden verdeeld. Het idee erachter is de aanpak van armoede en het wegnemen van verschillen op basis van afkomst, mogelijkheden, etc. Door de inzet op het basisinkomen wordt er vorm gegeven aan deze eerlijke kans, het zou vanuit de socialistische visie als verzorgingsstaat kunnen worden gepresenteerd en bovendien worden er geen straffen opgelegd aan mensen die 'pech' ervaren in het leven. Daarbij biedt het basisinkomen dus de basis om te functioneren in de maatschappij en daarmee ook de mogelijkheden om vrijwilligerswerk en zorg voor gezin en of (zieke) familieleden te combineren.

(Christen)democraten

Vanuit de christelijke traditie is de overheid het schild voor de zwakkeren, vanuit de democratische gedachte (het politieke midden) is de overheid er om burgers te faciliteren met een goede basis om deel te nemen aan de maatschappij. Het is dan ook niet voor niets dat bijvoorbeeld het CDA sterk inspeelt op de rol van de samenleving en de vormen van samenleven om onderling problemen op te lossen en elkaar te ondersteunen. En dat D66 zich zo sterk inzet op onderwijs, immers onderwijs is de basis om je op de arbeidsmarkt te kunnen manifesteren.

Voor beide partijen, die overigens ook de wens tot een kleinere, slagvaardige, overheid hebben is het basisinkomen zeker ook een interessant perspectief. Het zou bij kunnen dragen aan het terugbrengen van onnodig ingewikkelde en daarmee kostbare regelingen om de sociale minima te ondersteunen en daarmee de overheidsuitgaven terug te dringen. Bovendien zijn beide partijen ook voor een simpeler belastingstelsel, wat ze delen met de liberalen, en ook het basisinkomen kan daar een onderdeel in vormen. Immers, minder regelingen = minder belastingschijven en bovendien fiscale regelingen voor particulieren.

De groenen en de 'kleine' christelijke partijen

Dan gaan we even langs bij het 'groene hoekje' van Groen Links en PvdD, welke beide zeker ook iets met het socialistische denken hebben. Maar daarbij ook sterk inzetten op een duurzame samenleving, wat zeker ook samenhangt met minder regelingen en ingewikkelde systemen. Daarbij sluit het beginsel van het basisinkomen zeker ook aan. Want minder regelingen, een sociaal vangnet voor de mensen die het niet redden in een maatschappij waar werk een andere lading zal krijgen door de ontwikkelingen. Is die vast en zeker een aansluitend idee.

Dan tot slot de 'kleine' christelijke partijen, waar zij het denken van het CDA delen als het gaat om de overheid als schild voor de zwakkeren, staat bij deze partijen het 'traditionele' gezin centraal. En juist daar ligt in de huidige economie een groot probleem, want ook steeds meer vrouwen uit de SGP achterban zijn genoodzaakt om te werken en hebben daardoor minder tijd voor de door hen traditioneel uitgevoerde sociale taken als zorg voor gezin, ouderen en (zieke) familieleden. 

Voor ieder wat wils

Eigenlijk is het dus wel leuk om te constateren dat eigenlijk dus elke partij wel een reden zou moeten hebben om voor een basisinkomen te stemmen en misschien is dat dan ook wel de reden dat ik van een aanvankelijke tegenstander (met in het achterhoofd de kosten) tot een voorstander ben geworden. Want het terugbrengen van regelingen, het versimpelen van het belastingstelsel en het vervangen van al die ingewikkelde verschillende aanvragen voor sociale regelingen zouden een stuk minder kostbaar worden door het invoeren van het basisinkomen. Bovendien zou er meer geld overblijven voor gemeente om mensen die het echt niet zelf kunnen, toch naar werk te helpen! 



Voor meer informatie over het basisinkomen bekijk deze aflevering van Tegenlicht


zondag 2 november 2014

Op congres

Verkiezingen 2014
Volgende week is het weer zo ver, het CDA congres dit jaar in Alkmaar. Voor de niet politiek minnende Nederlander een verspilling van geld. Voor de politieke actieveling een feestje van herkenning, een plek voor gelijk gestemden en bovenal een plek waar veel wordt gedebatteerd. Waar burgers vooral eenheid verwachten in een politieke partij, is ook in een politieke stroming het anders denken niet vreemd.

Sinds het debacle dat gemeenteraadsverkiezingen heet, is mij vaak gevraagd waarom ik nog steeds politiek actief ben. Ik schreef er al eerder over, en toch het laat me niet helemaal los. Zeker nu er weer een congres aan zit te komen, eentje waar de nodige resoluties vanuit allerlei hoeken in mijn mailbox belanden. Waarom, omdat mensen mij weten te vinden, tenminste de politieke CDA dieren die niet uit Krimpen komen dan.......

Ik sta aan de zijlijn
Hier op lokaal niveau sta ik volledig aan de zijlijn, jammer, maar zo is het nu eenmaal. Ik heb me uitgesproken over zaken die mij als voorvechter van gelijke kansen raakten en dat was niet zo succesvol in het resultaat. Tenminste op lokaal niveau dan, op landelijk niveau is er zeker veel positieve aandacht geweest voor diversiteit op lijsten, in allerlei vormen. Hoewel het misschien nog niet zo ver is dat er overal ruimte is voor iemand met een beperking op een lijst, het begint wel te komen.

Dat werd tijd, zou je denken, maar ook in de politiek is de participatiesamenleving nog niet helemaal wat deze moet zijn. In de PvdA hebben ze Otwin van Dijk en Jette Klijnsma, maar in andere partijen zijn er maar weinigen die ondanks hun beperking een hele politieke sprong maken. Hoewel, ik ken wel een paar Groen Links raadsleden op wielen, 2 top dames die zeker ook de potentie zouden hebben voor een blauw stoeltje in Den Haag. Hoewel die dan zouden sneuvelen voor deze dames.

Toch naar het feestje
Tijdens het laatste CDA congres
keken wij massaal naar
Sven Kramer.
Ondanks het feit dat ik wat alleen sta op het lokale politieke toneel, sta ik er wel op het landelijke toneel. Waar zaterdag het congres in Alkmaar voor mij ook weer een feest der herkenning is, want ik kom vele politieke 'vrienden' tegen en vooral ook veel mensen die net als ik streven naar een inclusieve en participerende maatschappij. Kortom, ik blijf niet thuis omdat ik in mijn eentje naar Alkmaar ga, ik ga gewoon en vier mijn feestje omdat het heerlijk is om samen met mensen vol ideeën over de toekomst van Nederland na te denken.

Debatten zullen er zeker zijn, de resoluties brengen dat met zich mee en misschien passeren er ook wel zaken waar ik me niet zo in kan vinden. Evenals er zaken passeren waar ik me juist wel in kan vinden. Dat maakt politiek nu zo interessant, het is het vinden van het compromis en de wens van de meerderheid. Nu wordt het bovenal tijd om dat ook naar de kiezers uit te dragen, samen kiezen betekent ook samen slikken. Want we kunnen het niet iedereen naar de zin maken, we kunnen wel samenwerken zodat iedereen naar vermogen zijn plekje in de maatschappij weet te vinden!